top of page

Postcolonial Sentiments

Postcolonial Sentiments is an interactive website concerning the way colonial history has shaped contemporary relations between Curaçaoan and Dutch inhabitants of the island. I have conducted a 10-week period of visual ethnographic research on Curaçao, focused on interviewing and photography. The research resulted in an academic article and this website. 

The purpose of the project is to create understanding and to raise awareness about the legacy of Dutch colonialism on Curaçao. During my time on Curaçao I have recorded 22 interviews, in which I asked people about the contemporary relation between Dutch and Curaçaoan inhabitants, and how they relate to colonial history. A selection of these interviews with corresponding portraits are presented below. The content can be engaged by reading or listening to audio fragments. Moreover,  for each interview I have provided a written reflection which is based on research findings. 

The photos above are meant to contextualize the interviewed people and the island they live on. They include various places I visited, cultural aspects, and portraits of people I encountered. Some photos reveal sound when hovering over it with the cursor. 

 

Textual context is provided by drawing from various bits of the academic article I wrote. This article concerns an analysis of postcolonial sentiments on Curaçao. In the article it is argued that postcolonial sentiments seem to be concerned with narratives of inferiority and superiority complexes. Moreover, the discussion of postcolonial sentiments was often approached through the lens of national discourse. The button below leads to a page  on which you can read about the postcolonial context of Curaçao and concepts relevant to the topic.

David, 18

Als je nu tegen locals zegt welke school je naartoe bent gegaan, en je zegt St Jozef, zeggen ze allemaal 'hode'- dat betekent zo van, ‘wtf’. Dus die reactie krijg ik nu nog steeds heel vaak als ik dat zeg. Maar op die school was ik het enige Nederlandse kind. In het begin was iedereen van, wat doet dit kind hier, moet je niet op een privé-school zitten, wat doe je hier. Er waren kinderen die een negatief beeld hadden over mij omdat ik Nederlands was. Ik heb ook het gevoel dat veel kinderen daar ouders hebben die een hekel hebben aan makamba’s, en dat wordt dan heel sterk overgezet op die kinderen. Heel vaak heb ik ook het gevoel dat die kinderen, doordat ik daar was, een andere ervaring kregen, ‘want deze guy is gewoon chill’. 

 

Ik werk in Centrum, we zijn inpakkers, we pakken gewoon boodschappen in. Alleen het is meer een baan voor locals, je ziet nergens echt een Nederlander die inpakt. Meestal gaan Nederlanders in de horeca werken of wat dan ook - locals ook. Dus ze verwachten niet dat een Nederlands persoon daar werkt, ik ben een beetje de enige witte persoon daar. Het is een soort van familie daar, ik word gezien als ‘guy blanku, kio kio’. Maar ik heb ook mensen die zeggen ‘je bent de enige makamba waar ik een beetje mee kan omgaan’.

Ik vind het jammer, want ze zeggen ‘je bent de enige makamba’, dat betekent dat ze waarschijnlijk ook vooroordelen hebben over makamba’s.

00:00 / 02:55

Ik neem het aan de ene kant als compliment, maar aan de andere kant vind ik het jammer want je bent eigenlijk aan het zeggen ‘ik ga niet om met Nederlanders omdat ik ze niet leuk vind’.

 

Er is een makamba-haat net zoals er mensen zijn die de Antillianen hier haten. Dat speelt aan allebei de kanten. Dat heb je zowel met Nederlanders die zeggen ‘die Antillianen dit dat’, maar ook met Antillianen die zeggen ‘die Nederlanders dit dat’. Het is een beetje een childish back-and-forth gevecht. Maar het zijn meestal wel de ouders. Ik denk dat het sowieso uit het verleden met slavernij komt. Mensen kunnen niet echt loslaten, bijvoorbeeld als zij een racistische ervaring mee hebben gemaakt, dan gaan ze gelijk generaliseren en daar heb ik een hekel aan. 

 

Het is belangrijk om te leren over wat er is gebeurd, en terug te kijken op het feit dat het echt niet kon en fucked up was wat er is gebeurd. En het is heel belangrijk dat mensen daarvan leren, maar ik heb het gevoel dat oudere mensen het moeilijk vinden ervan te leren, maar in plaats daarvan juist erin vastzitten. Niet kunnen loslaten dat het is gebeurd, en daarom nog steeds de hele tijd die vooroordelen opbouwen. 

David was born in the Netherlands, and moved to Curaçao at the age of 12. He speaks fluent Papiamentu now.

I had first met his father, who linked us up because I was interested in interviewing someone from the young generation. 

We met up in Punda after he finished school. I took the photo straight after we finished the interview- with his backpack still on. 

Gibi, 72

We zijn helemaal niet waar we moeten zijn, als je het hebt over het samenleven met elkaar hier op Curaçao, en dan voornamelijk als je kijkt naar de Europese Nederlander en de Curaçaoënaar. Natuurlijk is het niet meer zoals de jaren ‘60 - 30 mei 1969, de zeer grote opstand die hier toen was- want toen was het echt gesegmenteerd. Mensen woonden in Julianadorp, afgesloten. Je kon als Curaçaoënaar niet naar binnen, bij de Nederlanders (Euro-Nederlanders). Net zoals Emmastad, en zo had je verschillende andere wijken. Echt afgesloten, dus apartheid.

 

Ik denk als je vandaag zegt ‘apartheid’ dat iedereen zal zeggen nou, dat niet. Nee, want die wijken zijn open nu, maar toch als je er met de loep naar kijkt, ik vind dat er ontzettend veel verschillen zijn tussen deze twee groepen. En het heeft te maken met de slavernij, met kolonialisme - waar slavernij een onderdeel van is- dat wij denk ik daar toch te weinig aandacht aan hebben besteed. Maagdelijk vind ik deze thema’s, niet aangerijkt, niet aangeraakt, niet verdiept. En als het verdiept is en aangeraakt is, door een kleine groep. Een zeer kleine groep. 

 

Stelt een Nederlander zich arrogant op, dan is er een kleine groep die daar iets mee doet. Er is een grote groep die dat accepteert, die dat gewoon vindt.

00:00 / 03:41

Die zich dan dus onderdanig voelt, en dat zo vind, dat het zo is, dat het zo kan, dat het zo mag. Een kleine groep zal weerwoord geven, tegenwoord, zich verzetten, ‘waarom spreekt u zo tegen mij’? - dat zal bijna nooit iemand zeggen.

 

Het komt dus door die dichotomie die er altijd geheerst heeft en heerst, tussen Nederlander en Curaçaoenaar. Ik zal het zo even schetsen: beter, slechter; beter gestudeerd, minder gestudeerd; meer geld, minder geld; blanku (wit), zwart; de baas, de mindere; Nederlands, Papiamentu - helaas vinden nog steeds veel Curaçaoënaars dat Papiamentu minder is dan Nederlands- Nederland is een potentie in de wereld, wij niet. We zijn arme donders, we hebben niks, we moeten steeds bedelen. De gever en de bedelaar. Dat leeft, dagelijks. 

 

De kritiek die wij - als ik wij zeg, heb ik het over die groep van tientallen mensen die bezig zijn met de slavernij- de kritiek die we altijd hebben is dat we daar blijven hangen. Maar wij hebben iets van, nee we moeten eerst goed weten hoe dat in elkaar gezeten heeft, gestructureerd was, ingebed was, waarom het de opvoeding beïnvloed heeft. Wij hebben iets van, ik kan beter hiermee omgaan als ik dit goed weet. 

IMG_8941-2.jpg

Gibi is a poet and writer, whom I approached because he speaks out about the legacy of the history of colonialism and slavery. 

Upon his own request, I photographed him in 'Parke Lucha pa Libertat', in front of a Tula monument. 

The photos were published in a newspaper article, in which he contends for the rehabilitation of Tula. The article can be read here 

IMG_9355-2.jpg

I met Phaedra on the beach in Piscadera, next to the marine biology institute where she is currently conducting research.

She was born on Curaçao, moved to the Netherlands at the age of 12 and is now back on the island for her masters' research.

 

I interviewed and photographed her in her apartment in Boka Sami. 

Phaedra, 27

Er is zo’n afstand tussen twee groepen. Er lijkt een soort mindset te zijn van Nederlanders die hierheen komen van, oh ik ga naar een plek waar ze Nederlands praten dus ik blijf gewoon lekker Nederlands praten en Nederlands doen. Ik denk dat het idee van emigreren naar Curaçao per se, voor heel veel mensen een soort idee is van, oh ja dan zijn we nog een soort van in Nederland, dus ik hoef me niet zo heel erg aan te passen. 

 

Het eigenlijk helemaal niks te maken willen hebben met de Curaçaose cultuur. Alleen maar omringd zijn met Nederlandse producten, Nederlandse mensen, je auto laten keuren bij Nederlandse mensen want dat ken en vertrouw je, en dan ga je naar een restaurant met alleen maar Nederlandse mensen. Het blijven binnen je bubbel wat bekend is en dus Nederlands. Dan wil je dus eigenlijk een beetje in Nederland blijven maar dan warm. Maar dat is het hier niet, het is niet warm Nederland, het is Curaçao. En dat zou minder zwaar hebben gewogen als het een andere groep was, want daar zit geen verleden achter, niet zo veel zwaarte aan.

00:00 / 03:06

Vanuit hier, vanuit Curaçaose perspectief is het vaak van, ja die Nederlanders zijn toch allemaal in hun eigen groepjes, dus dat je daar bij voorbaat al een soort afkeer voor krijgt, omdat je er eigenlijk al vanuit gaat dat zij zo zijn. Terwijl dat ook natuurlijk niet waar hoeft te zijn. Wat vaak wordt gedacht, is dat ze zich te goed voelen om onderdeel te zijn van de samenleving hier. Dat ze zich daarom bij elkaar houden, want ze voelen zich te goed voor ons. 

 

Er zijn niet veel mensen hier die zich minder voelen dan een Nederlander. Het is meer, denken dat Nederlanders denken dat zij zich beter voelen, en daarom niet met hun mee willen doen. Ik denk dat daar een soort achterdochtigheid door komt. 

 

Ik denk, hoe meer autonomie er kan komen, hoe minder spanning er überhaupt in zal zitten. Het zou de relatie veel minder stroef laten verlopen als het veel meer twee aparte dingen zouden zijn en niet een soort van half. Het zoeken van beide kanten naar wat jouw positie nou is, als mensen, terwijl landen dat ook doen, daar druppelt spanning in door.

Karin, 58

Er is een grote groep Nederlanders die kijken neer op de lokale bevolking, dat vind ik heel erg slecht. die mensen wil ik ook niet kennen eigenlijk, maar die heb je overal. En je hebt een grote groep Nederlanders die zich wel aanpassen, en wel samenwerken met lokale mensen, en zich ook interesseren in hoe die mensen leven, en die mensen willen helpen. Dat vind ik mooi. Omdat wij nou toevallig iets meer geld verdienen of iets rijker zijn, zijn we nog niet beter of anders, vind ik. 

 

Curaçaoënaars.. er zijn er heel veel die echt een grote hekel hebben aan Nederlanders, maar daar ben jij ook al wel achter toch? Die zien ons liever vandaag vertrekken dan morgen. Omdat ze denken dat wij hier alles over willen nemen, en dat is van hun. Als wij er niet waren geweest, dan was dit gewoon niks, Curaçao. Dan was het gewoon echt een derde wereld land. Is het al een beetje, maar dan echt. Want ze kunnen zelf natuurlijk helemaal niks. Ze hebben hier vroeger van alles geprobeerd, mango plantages, suikerriet, niks lukte terwijl die grond zo vruchtbaar is als ik weet niet wat. 

 

In principe, de slavernij, ze horen natuurlijk altijd die verhalen van opa en oma, papa en mama. Hoe slecht het wel niet was en wat die Nederlanders wel niet allemaal gedaan hebben. Slachtofferrol, zo moet je het zien. Is natuurlijk wel heel makkelijk he.

00:00 / 03:10

Er zijn in de geschiedenis zo veel dingen gebeurd, en natuurlijk proberen we zo veel mogelijk dingen over te dragen, maar op een gegeven moment vallen er toch stukjes weg. Er is gewoon te veel gebeurd in de wereld. Ik weet weer meer van de 1e en 2e Wereldoorlog dan jij, omdat ik een stuk ouder ben. Maar zo gaat dat toch. 

 

Wat vind je ervan dat mensen nu een officiële schuldbekentenis of excuses van Nederland eisen? - Vind ik te gek voor woorden. Hebben ze al honderd keer gezegd toch? Ze denken gewoon weer ergens een slaatje uit te kunnen halen, zullen wel weer geld willen hebben. Hoeveel geld heeft Nederland hier al niet ingepompt in dit eiland? Dat gaat toch nergens over. Als wij het niet waren geweest dan was het een ander land geweest, de Portugezen kunnen er ook wat van. Wij waren gewoon iets slimmer dan de rest. In die tijd moest je dat wel zijn, anders waren we ook nergens geweest. 

000036420013_edited.jpg

Karin invited me inside her home in Jan Sofat, a resort or gated community located on the east side of the island.

 

Karin has lived on Curaçao for the past 8 years, and maintains a private island in Jan Sofat owned by her ex-husband.

 

We took a short trip on the boat to see the island, after which I took the photo.

000036340024.jpg

I met Terence because he was my tour guide during a hike in one of the nature parks he manages. 

 

For the interview and photo we met up in Park Sorsaka, one of his favourite parks. 

Terence identifies as descendent from the indigenous population of Curaçao - the Caquetíos. He is born and raised on Curaçao, and knows a lot about the island and its nature.

Terence, 34

We appreciate it, maybe a bit too much, when people make an effort. Sometimes you have to consider, is it effort, or is it bare minimum. You know, get out of your comfort zone and try to make contact with locals. Go to public beaches, talk to a person at the snack. If you come here, and just live in your bubble, what’s the point of coming here? 

 

They have it easy because they have their own circle. They have their own community within our community. They don’t have to get out of that comfort zone. So, the idea of ‘I don’t need to deal with these people because I’ve got my own things, my own toys, my own experiences. And if you go within the tourism industry: ‘I don’t need to deal with these people because we have our own tours, airline, hotels - which are all islands within the island. 

 

The island has accommodated people from Dutch-European descent a lot. There was a time when these people were in very high positions of power. we were a colony. That trickles down to a lot of interactions, still. If you look at projects for example, there is this idea that you have to get people from abroad to do projects. Oh we have to do this? Let’s get an expert, let’s get a Dutch person to do this.

00:00 / 03:21

Holland has all these universities, and all of our kids go there to study - that’s also a link. So people have this idea, to get better, to be better, you have to go to Europe to study.

 

A lot of people have the idea of colonialism as an event, a period in time. But colonialism isn’t an event, it’s a structure. The fact that you were not able to pass on generational wealth, makes it hard to survive nowadays. Generational wealth has a lot to do with it. 

 

There is a certain level of, people slowly understanding what has happened throughout the years. Trying to make sense of it, and being careful with how you act towards people who come from the same descent as the people who caused it. There is a certain level of vetting going on. You need to figure out if the person is.. if it’s an honest person, an honest choice to have them within your circle. Because of all of the things that happened. All of the things that have happened still carry weight.

Iseline, 60

Nederlanders hebben een andere cultuur. Ik kan me in beide werelden goed verplaatsen, ik kan begrijpen hoe ze denken. Maar dat heeft wel te maken.. ik heb in Nederland gewoond, ben in Nederland getrouwd geweest, ik ben dus helemaal ondergedompeld geweest voor jaren in de Nederlandse cultuur. Dus ik beweeg me even makkelijk als ik tussen Nederlanders zit als tussen mensen van hier, Antillianen. 

 

Ik denk dat er de laatste vijftien jaar echt wel een verharding is opgetreden tussen Curaçaoënaars en Nederlanders, en dat dat heel veel politiek gedreven is. Want als je als politicus makkelijk wil scoren dan heb je het over de makamba’s, en dat wij het heft in eigen handen moeten nemen en dat je tegen de makamba’s bent en dan heb je wel een hele grote massa mensen voor je. 

 

Ik had vroeger nooit het gevoel van ‘hun tegen ons’, dat gevoel komt steeds meer. Vind ik gewoon niet fijn, want juist het leuke van Curaçao is dat er zo veel verschillende soorten mensen wonen. Als mensen bijvoorbeeld praten over ‘mensen van Brakkeput, mensen van Jan Thiel’, dan denk ik hé hé, ik woon daar ook! Het is heel ongenuanceerd om zo te denken.

00:00 / 03:29

‘De witten die wonen in Jan Sofat en Jan Thiel, en zwarten wonen in Buena Vista, Seru Fortuna en Marchena’. Het is niet alleen maar het wonen maar ook wie ze zijn natuurlijk, dat ik geen echte Curaçaoenaar zou zijn bijvoorbeeld. Dat mijn hart niet voor Curaçao klopt. Dat ik een ‘makamba pretu’ ben, een zwarte makamba. Ben ik niet, helemaal niet. Dan word ik wel heel erg boos. Mensen zeggen dat natuurlijk niet in je face, maar ze impliceren dat wel. Dat je aan de kant van de makamba’s staat, dat je net als ze denkt. Dat is echt niet zo.

 

Ik kan me wel voorstellen dat als je in een achterstandswijk woont, en je bent zwart, en je hebt geen kansen, geen goed onderwijs, geen geld, geen perspectief. Er zijn mensen die hier totaal geen perspectief hebben. Ik voel wel een schaamte dat zij niet dezelfde kansen hebben als ik heb gehad. Ik ben heel trots op mijn afkomst, mijn cultuur, en mijn land. Maar dat koloniale juk heb ik nooit als zodanig ervaren. Ik heb ervan geprofiteerd en I moved on. Maar de mensen die in de jaren tachtig en later zijn geboren hebben niet dezelfde kansen gehad. 

IMG_0166-3.jpg

Iseline had initially invited me over because I know her sons, whom I had met in the Netherlands. 

She was born on Curaçao, went to university in the Netherlands and moved back to Curaçao with her Dutch husband. 

 

I took the photo at her favourite place, a quiet corner at Caracasbaai, close to her home. 

IMG_6936-3.jpg

Laura, 24

In Pietermaai wonen Nederlanders, zijn Nederlanders, een beetje rond Mambo Beach, in Jan Thiel, en dat is het gewoon. Daar concentreren ze zich allemaal, er zijn drie plekken waar die mensen - wij, kan ik zeggen- uitgaan, er zijn restaurants waar ze gaan eten, en dat zijn allemaal restaurants die ook ge-owned zijn door Nederlanders. Dus ze hebben een soort van hun eigen bubbel gecreëerd, op een eiland wat niet van hun is. Vooral van de mensen die hier heel lang wonen, is dat best wel kwalijk vind ik.

 

Ik denk gewoon dat als je kiest om hier echt je leven te gaan opbouwen, en dus bewust de keuze maakt om je business zo in te richten dat het eigenlijk alleen maar accessible is voor rijke Nederlanders die hier op vakantie komen. Dat kan je op zo veel manieren inclusiever en toegankelijker maken voor de lokale bevolking. Ik vind dat gewoon een soort van nieuwe vorm van kolonisatie bijna. Ik denk dan van, als jij kiest om hier te gaan wonen, op land wat niet van jou is, in een cultuur die jij compleet negeert eigenlijk. En het hele stagiaire gebeuren doet dat op een andere manier ook, al denk ik dat individuele mensen daar iets minder aan kunnen doen.

 

Er komen denk ik per half jaar wel iets van 600 Nederlandse stagiaires hiernaartoe. Hoe dat nu is opgezet, er is een organisatie die heet Wereldstage- en er is er nog een- maar die helpt studenten met het vinden van een stage hier, het vinden van een huis, een auto, alles wat je nodig hebt. Verzekering regelen ze, de vlucht, en dan betaal je 300 euro of zo en dan gaan ze dat allemaal regelen.

00:00 / 03:34

Maar zij zijn in contact met allemaal Nederlandse huisbazen- onze huisbaas is ook gewoon een Nederlandse vrouw. En dan blijft iedereen een beetje zo bij elkaar, en daardoor is die integratie heel moeilijk. Die stagiaires gaan allemaal naar dezelfde tenten, als waar de Jan Thiel bubbel naartoe gaat. Die gaan ook allemaal naar Mambo Beach. En de eigenaren van Cabana en van Madero, dat zijn ook allemaal Nederlandse gasten. Dat geld gaat echt niet hier naar de lokale bevolking. Ik denk dat die organisaties daar best een grote rol in kunnen spelen. Dat zij gewoon meer samen moeten werken met lokale, Curaçaose mensen.

 

Ik heb me in het begin best wel overgegeven aan de stagiaires, omdat ik, ik had best wel een paar leuke meiden ontmoet, en dan zit je met een halve voet daar in en dan ga je daar gewoon in mee. En dat was ook heel gezellig en heel leuk. Dus op sociaal gebied ben ik daar gewoon helemaal in meegegaan, maar op werkgebied en overdag ben ik bijna alleen maar in gesprek met Curaçaose mensen, over mijn onderzoek. Ik heb echt het gevoel alsof ik een soort van in een spagaat heb gezeten hier van, aan de ene kant lever ik kritiek op hoe dat is ingericht vanuit zo’n organisatie als Wereldstage, maar tegelijkertijd doe ik precies hetzelfde. Heb ik me hier ook begeven in een vrijwel Nederlandse bubbel. Dus dat was heel raar voor mij heel lang, om dat te balanceren.

Laura and I met in Pietermaai, in de street where we both resided during our stay on Curaçao. The photo was taken next to her apartment.

She had then been living on Curaçao for 5 months, to conduct research for her Master programme. 

We discussed the well-known 'stagiaire-bubbel' (intern-bubble), which she saw herself part of. 

.

Omar, 42

Right now we have a great mixture of Haitian people, Latin people, Chinese, Suriname.. all the cultures are different. but the Holland culture, there is a hate to them because of all the things that happened during the time of the slavery. 

 

Sometimes, it still happens here in the jobs.. often they give the preference somebody from Holland to become manager. Most businesses here are from Holland. As a Yu Korsou, before you didn't actually get the chance. that's why a lot of people from Curaçao went to Holland to study.. to get a chance. But I still see it today, not so much as before, but you still see that more of the managers are Dutch people. 

Some people from Curaçao don't think they get the chance to do that. They're like, the makamba's come here to conquer, and that's what they do. They see all the makamba's the same way. Here on Curaçao we call Hollanders 'makamba': it's a curse word for the Hollanders.

00:00 / 03:32

They still see things in the past, they didn't let go of the slavery thing. We have to forgive, but not forget. But a lot of people here didn't forgive yet, so they can't forget. So it's still in the culture here. 

Politically, I still see, when Holland says to do something, we always get mad about it. But I'm like, they're the ones supplying Curaçao. If it wasn't for them, we would'nt have all the things we have right now. 

We have to just work together, don't see them as our enemies. In Curaçao we think like, Holland wants to own us. But I think that Holland owns us always. There's still people fighting for that, thinking Holland doesn't own us. But I think, whatever Holland says - maybe we fight about it - but that's what we're gonna do here. The government tried to fight that, but whatever they say is gonna happen here. 

IMG_8524-2.jpg

Also goes by the name of DJ Dirty Omi, referring to the music he likes playing most as a DJ. I met Omi through a mutual friend.

He showed me around the island in his tiny car, usually with a big boom box playing loud Moombahton. 

 

I took the photo at Playa Kanoa, a quiet beach on the north side of the island.

000036410023.jpg

This interview emerged from a chance encounter at a kiosk bar in Otrabanda. After Caspar told me he works at the National Archive of Curaçao, we engaged in a long conversation about Curaçaoan history and politics. 

Caspar moved to Curaçao with his family 6 years ago, after accepting a job offer. 

 

I interviewed and photographed him at work, after he gave me a tour in the National Archive.

Caspar, 53

Ik heb het nooit persoonlijk zo gemerkt, dat ik met meer respect behandeld wordt omdat ik een witte man ben. Maar wat ik je volgens mij afgelopen vrijdag heb verteld, hier achterom staat een container, daar kun je broodjes kopen. Daar staan oudere dames in, soms haal ik daar wel eens een broodje ‘s ochtends. M’n collega’s willen dan ook een broodje, en dan moet ik het altijd halen. Waarom? Volgens mijn collega’s krijg ik, omdat ik een witte man ben, een makamba, meer beleg op mijn broodje. Volgens mij is dat helemaal niet zo, nooit dat ik extra heb, nee. Ik heb altijd zoiets van, volgens mij hebben jullie gewoon geen zin om daar naartoe te gaan, en hebben jullie wel honger, en dat dan bedacht als smoes zodat ik dan ga. ‘’Nee Caspar, het is echt waar, als jij het voor ons haalt hebben wij ook meer beleg’’. 

 

Ik heb wel eerlijk gezegd het gevoel als ik ergens binnenkom, of het nou een winkel is of een overheidsinstelling, dat er misschien wel iets is van ‘oh god daar heb je d’r weer een’ - vanuit het Curaçaose perspectief. Want in principe is de makamba hier in de minderheid. En nou ben ik altijd beleefd, maar hier doe ik het misschien nog wel een beetje extra. In Nederland zeg je gewoon bij de bakker ‘ik wil een brood’. en hier kom je binnen en dan zeg je, ‘goedemorgen, hoe gaat het met u, lekker weer’ - dat is het hier altijd - en dan begin je eens een keer over je bestelling.

00:00 / 03:38

Het idee dat je het ijs even moet breken, dat je moet laten zien dat je voor een makamba wel mee valt. Dat vind ik wel eens lastig. En dan heb ik soms het idee dat je het een beetje goed moet maken voor het onbeschofte gedrag van die andere makamba’s.

 

In hoeverre moet ik vanwege die geschiedenis mijn gedrag heel erg gaan aanpassen, moet ik echt anders gaan doen? Dat vind ik moeilijk. Maar ik ben me er wel van bewust - dat komt misschien ook omdat ik in een archief werk- van het feit dat dat verleden er is, en dat dat voor sommige Curaçaoënaars nog steeds wel een rol speelt. Ook in hoe ze naar mij en naar mijn mede makamba’s kijken. Ik denk met de nodige argwaan in eerste instantie. Eerst even kijken wat voor vlees ik nou in de kuip heb. Kan ik me voorstellen, terecht weet ik niet, maar kan ik me voorstellen. 

 

Ik denk als je hier 10 makamba’s vraagt over het koloniale en slavernijverleden en hoe dat doorwerkt vandaag de dag, dat 8 van de 10 gaan zeggen ‘nou eens ophouden met dat gezeur’. Dat kun je dan misschien wel zeggen, ik denk er iets anders over, maar dat dat ook gezegd wordt zonder enige nuance ‘dat is nu wel klaar’. Maar ik denk dat dat nog wel een rol speelt, zal nog wel een paar generaties duren. 

About the maker

My name is Hannah Bults (1996) and I am a visual anthropologist based in Amsterdam. An ongoing desire to understand human behaviour has led me from a BA in Psychology to an MA in Anthropology. The current project is the result of a strong interest in the legacy of colonial history in contemporary society,  combined with a love for audio-visual media, photography in particular. The project was created as part of the Master Specialisation in Visual Ethnography at the University of Leiden, and supervised by Benjamin Fogarty. I want to deeply thank everyone who participated in or contributed to this project. 

© 2022 by Hannah Bults

bottom of page